Lopende projecten

Het zoemende volk

Titel:Het zoemende volk – Handboek Qur’ān memoriseren
Auteur:Zakariya Bosmans
Categorie:Spiritualiteit
Aantal pagina’s:nog onbekend
Geïllustreerd:Nee
Uitvoering/Formaat:Paperback A5
Verschijningsdatum:nog onbekend – 2021 ??
ISBN:nog onbekend
Vaste prijs:nog onbekend
TaalNederlands

Inhoudsopgave (onder voorbehoud van wijzigingen):

Inhoud
Voorwoord Ustādh (nog niet bekend)
Inleiding auteur
Op zoek naar de deur van het heelal
Mijn liefde voor de Qur’ān
Het zoemende volk
Het ontwikkelen van schema’s
Deel I
Taalkundige betekenis van de naam Qur’ān
Taalkundige betekenis van de naam Sūrah
Namen van de Qurān
Essentiële zaken bij het memoriseren van de Qur’ān
Voorbereiding van de memorisatie
Het memorisatie proces
Revisie van de memorisatie
Gezondheidsvoordelen door het memoriseren van de Qur’ān
Diverse memorisatie technieken
Zes populaire routes om te memoriseren
Sujūd at-Tilāwah – het neerknielen tijdens recitatie
Litanie – smeekbede Qur’ān memoriseren
Deel II
Traktatie over doctrine
Laat je inspireren
Blijf positief
Zoetheid van het reciteren
Hoofdstukken van de Qur’ān
Elementen van het memoriseren
Een geslepen diamant voor een aspirerende aspirant
Mijn brief aan Allāh
Slotwoord
Appendix I: Lees- en revisieschema per Juz’
Appendix II: Revisieschema tijdens memorisatie
Appendix III: Memorisatie- en leesschema 1 pagina per week
Standaard
Lopende projecten

De Mantel-ode (Qaṣīdah al-Burdah)

Titel:De Mantel-ode (Qaṣīdah al-Burdah)
Auteur:Zakariya Bosmans
Categorie:Spiritualiteit
Aantal pagina’s:nog onbekend
Geïllustreerd:Nee
Uitvoering/Formaat:Paperback A5
Verschijningsdatum:nog onbekend – 2022 ??
ISBN:nog onbekend
Vaste prijs:nog onbekend
TaalArabisch/Nederlands

HOOFDSTUK 1: HET VERLANGEN (sample nog niet nagekeken – wijzigingen onder voorbehoud)

Imām Abū ‘Abdallāh Muḥammad ibn Sa’īd al-Ṣanhājī al-Būṣīrī (moge Allāh tevreden met hem zijn) hield vast aan de weg van de dichters van weleer door zijn ode vooraf te laten gaan met een nostalgische rapsodie,[1] ook wel een Nasīb genoemd.[2] In een Nasīb noemt de lofrede liefde en hartstocht en met daaruit voortvloeiende schuld als gevolg, en spreekt hij over de tranen, het verdriet, de slapeloze nachten en de vermagering die voortkomen uit vurige liefde. De wijsheid achter het noemen van deze dingen is dat ze de luisteraar beroeren, en verlangen in het hart oproepen naar het object van lof. De Imām stelt voor zichzelf in het eerste deel een denkbeeldige persoon op die hij aanspreekt en vragen stelt over de oorzaak van zijn vurige liefde en intense hartstocht. Dit gedeelte is gewijd aan het uiten van lyrisch verlangen en klagen over zijn liefde. Uiteindelijk zal blijken in het gedicht (ode) dat het gaat om pure liefde voor zijn geliefde profeet ﷺ.


[1] Een rapsodie is een gedicht of een muziekstuk dat qua onderwerp of stijl bestaat uit contrasterende gedeelten wat betreft stijl/stemming, die ondanks de vrije vorm toch een eenheid vormen, vaak met een op volksmelodieën gebaseerde gemeenschappelijk, of in verschillende vormen terugkerend thema. De rapsodie was vooral tijdens de romantiek een populaire vorm, vanwege de air van spontane inspiratie en de grote variatie aan stemmingen die mogelijk is.

[2] Nasīb (Arabisch: النسيب) is een Arabische literaire vorm, ‘gewoonlijk gedefinieerd als een amoureuze inleiding op het soort lang gedicht dat qaṣīdah wordt genoemd’. [1] Hoewel nasīb aan het begin van de ontwikkeling van de vorm ‘liefde -song’, omvatte het veel bredere soorten inhoud: [2]’ De nasīb wordt gewoonlijk opgevat als het eerste deel van de qaṣīdah waarin de dichter zich zijn geliefde herinnert. In latere eeuwen stond de nasīb alleen, en in die zin werd de betekenis opgevat als erotische en liefdespoëzie.

الْحَمْدُ لِلهِ مُنْشِي الْخَلْقِ مِنْ عَدَمِ
ثُمَّ الصَّلَاةُ عَلَى الْمُخْتَارِ فِي الْقِدَمِ
~ I ~
Alle lof zij aan Allah, de Schepper van de creatie vanuit non-existentie;
Vervolgens de zegenbeden naar de uitverkorene sinds de pre- existentie.
 
مَوْلاَيَ صَلِّ وَسَلِّمْ دَائِمًا أَبَدًا
عَلَى حَبِيبِكَ خَيْرِ الْخَلْقِ كُلِّهِمِ
~ II ~
Mijn Heer, zend zegenbeden en vredeswensen voor altijd en eeuwig;
Op Uw geliefde, de beste der gehele schepping.
 
أَمِنْ تَذَكُّرِ جِيرَانٍ بِذِي سَلَمٍ
مَزَجْتَ دَمْعًا جَرَى مِنْ مُقْلَةٍ بِدَمِ
~ 1 ~
Is het omdat je denkt aan de buren van Dhū Salam;
Dat tranen vermengd met bloed uit je ogen stromen?
 
أَمْ هَبَّتِ الرِّيحُ مِنْ تِلْقَاءِ كَاظِمَةٍ
وَأَوْمَضَ الْبَرْقُ فِي الظَّلْمَاءِ مِنْ إِضَمِ
~ 2 ~
Of was het de wind die uit de richting van Kāẓimah is komen waaien;
En door de blikseminslag in het donker bij (berg) Iḍam?
 
فَمَا لِعَيْنَيْكَ إِنْ قُلْتَ اكْفُفَا هَمَتَا
وَمَا لِقَلْبِكَ إِنْ قُلْتَ استَفِقْ يَهِمِ
~3 ~
Dus, wat scheelt er aan je ogen? Je zegt “stop”, maar de tranen blijven stromen;
En je hart? Je zegt “wakker worden”, maar het blijft overstuur.
 
أَيَحْسِبُ الصَّبُّ أَنَّ الْحُبَّ مُنْكَتِمٌ
مَا بَيْنَ مُنْسَجِمٍ مِنْهُ وَمُضْطَرِمِ
~ 4 ~
Denkt de verliefde, dat deze liefde verborgen blijft;
Achter zijn tranenvloed en zijn brandend (hart van) verlangen?
 
لوْلَا الْهَوَى لَمْ تُرِقْ دَمْعًا عَلَى طَلَلٍ
وَلَا أَرِقْتَ لِذِكْرِ الْبَانِ وَالْعَلَمِ
~ 5 ~
Zonder die passie, vergiet je geen tranen vanwege een verlaten ruïne (of relicten);
En lag je niet wakker door het denken aan de geurige wilgen of de berg (vlak bij Medina).
 
وَلَا أَعَارَتْكَ ثَوْبَيْ عَبْرَةٍ وَضَنًى
ذِكْرَى الْخِيَامِ وَذِكْرَى سَاكِنِ الْخِيَمِ
~ 6 ~
Evenmin zou je gekleed zijn in gewaden van tranen en uitputting;
Alleen al bij het denken aan de tenten en degenen die erin woonden.
 
فَكَيْفَ تُنْكِرُ حُبًّا بَعْدَمَا شَهِدَتْ
بِهِ عَلَيْكَ عُدُولُ الدَّمْعِ وَالسَّقَمِ
~ 7 ~
Dus hoe kun je deze liefde ontkennen, nadat dit werd getuigd;
Tegen jou door de betrouwbaarheid van tranen en het lijden?
 
وَأَثْبَتَ الْوَجْدُ خَطَّيْ عَبْرَةٍ وَضَنًى
مِثْلَ الْبَهَارِ عَلَى خَدَّيْكَ وَالْعَنَمِ
~ 8 ~
Twee tranenlijnen door liefdesverdriet en uitputting gekerfd;
Op jouw wangen zoals (in de kleuren van) gele (kruiden) en rode planten.
 
نَعَمْ سَرَى طَيْفُ مَنْ أَهْوَى فَأَرَّقَنِي
وَالْحُبُّ يَعْتَرِضُ اللَّذَّاتِ بِالْأَلَمِ
~ 9 ~
Ja, verschijningen (visioenen) in de nacht van degene waar ik van hou, ontzegde me mijn slaap;
Want liefde dwarsboomt genoegens met pijn.
 
يَا لَائِمِي فِي الْهَوَى الْعُذْرِيِّ مَعْذِرَةً
مِنِّي إِلَيْكَ وَلَوْ أَنْصَفْتَ لَمْ تَلُمِ
~ 10 ~
O jij – die mij verwijt, vanwege mijn reine liefde – neem mij niet kwalijk;
Van mij tot jou, want als je rechtvaardig was, dan had je mij niets verweten.
 
عَدَتْكَ حَالِيَ لَا سِرِّي بمُسْتَتِرٍ
عَنِ الوُشَاةِ وَلَا دَائِي بِمُنْحَسِمِ
~ 11 ~
Moge je mijn toestand worden bespaard! Mijn geheim is niet langer verborgen;
Voor lasteraars. Noch is er enige remedie voor mijn kwaal.
 
مَحَّضْتَنِي النُّصْحَ لَكِنْ لَسْتُ أَسْمَعُهُ
إِنَّ الْمُحِبَّ عَنِ الْعُذَّالِ فِي صَمَمِ
~ 12 ~
Je hebt mij oprecht advies gegeven, maar ik hoorde het niet;
Waarlijk, want de verliefde is volslagen doof voor de critici.
 
إِنِّي اتَّهَمْتُ نَصِيحَ الشَّيْبِ فِي عَذَلٍ
وَالشَّيْبُ أَبْعَدُ فِي نُصْحٍ عَنِ التُّهَمِ
~ 13 ~
Waarlijk, ik verdacht zelfs oprecht advies van mijn grijze haren, als uiting van kritiek;
Ook al is het advies van grijs haar verre van bedrog.

Standaard
Lopende projecten

Wat zou jij doen wanneer niemand kijkt?

Titel:Wat zou jij doen wanneer niemand kijkt?
Auteur:Zakariya Bosmans
Categorie:Spannende Roman
Aantal pagina’s:nog onbekend
Geïllustreerd:Nee
Uitvoering/Formaat:nog onbekend
Verschijningsdatum:nog onbekend – 2024 ??
ISBN:nog onbekend
Vaste prijs:nog onbekend
TaalNederlands

(sample – onder voorbehoud van wijzigingen)

Proloog

1989

De enige manier om over een gebroken hart heen te komen is die akelige, verwoestende, ingrijpende ervaring te ondergaan. De pijn die je op dat moment ervaart zal niet hetzelfde blijven. Alles verandert. Zelfs het grootste verdriet. Een gewond dier is niet hetzelfde als een gewond mens.

Wie ben je?

Morgen kun je dood zijn.

Wat kun je doen?

Niemand kijkt…


(sample – onder voorbehoud van wijzigingen)

Kodiak

1997

Zou ma mijn brief nog hebben?

Milan kijkt omhoog langs de dennentoppen naar de blauwheldere lucht en haalt uitgeput adem. Hij probeert het gezicht van zijn moeder voor de geest te halen.   

Moeizaam draait hij zijn hoofd naar rechts en kijkt met een gezwollen oog naar het verwonde dier. Een houten spies steekt door de hals van een lichtbruine beer. Hij ziet vers bloed dat sterk afsteekt op de platgewalste groene bladeren van de Devil’s Club. Er wordt gezegd dat een stuk van deze plantsoort boven een deuropening het kwaad afweert. Maar deze enorme reus die voor nog onbekende reden razend uit het niets op hem af kwam, ligt nu grotendeels op hem. Tijdens de aanval hield hij zijn speer uit reflex in de richting van de beer, maar kreeg alsnog een onvermijdelijke klap met de klauw op zijn hoofd, en haalde hierbij zijn oog open.

Milan kan niet meer bewegen en zijn benen zijn gevoelloos. Hij ziet wat oude littekens van eerdere gevechten op de kop van de Kodiakbeer en ruikt een visachtige geur. Hij wordt misselijk en moet bijna braken.

Langzaam kleurt de blauwheldere lucht naar donker grijs, alsof de dag plots wordt ingehaald door de nacht. De luide en hese schreeuw van een blauwe Stellers gaai in de top van een den dooft langzaam tot totale stilte. Hij hoort slechts nog zijn eigen ademhaling.

Zou dit nu het einde zijn, vraagt hij zich af?

Standaard